Home  
|
  Welkom  
|
  Route  |  Reisverslag  |  Foto's  
|
  Film  
|
  Info  
|
  Contact
 

Vrijdag 2 januari


De oostoever; Stad van de Levenden

Vorige dag Volgende dag

Vandaag is de oostoever aan de beurt, wat inhoudt dat we beginnen met de Tempels van Karnak. Fout… Verkeerd tijdstip. Waren we gisteren nog zo slim geweest om de grote toeristentrekkers voor het laatst te bewaren, vandaag stuiten we op een menigte waarvan Marco Botsauto zou hopen dat ie zoveel bezoekers zou trekken bij een van zijn concerten. We vergapen ons dan ook aan de taferelen die zich binnen het complex afspelen; Poolse dames op naaldhakken die acrobatische toeren moeten uithalen om in het zand en tussen de keien overeind te blijven, lange rijen transpirerende Amerikanen die zuchtend achter hun gids aan zeulen, naar adem snakkende Duitse dames op leeftijd die een overdadige walm van een zware Eau de Cologne verspreiden, Japanners met een camera om de nek die zwaaiend met een zakdoekje de vliegen proberen te verdrijven en Russinnen met geblondeerde haren die gekleed zijn in rokjes die niet meer stof bevatten dan een willekeurige onderbroek bij mij in de kast. Hellup!

Gelukkig is Karnak zelf erg groot en bevat het vele binnenhoven, zuilenhallen, kolossen en een groot heilig meer. De grote tempels kunnen worden onderverdeeld in vier hoofdgebouwen, waarbij er nog kleine heiligdommetjes zijn en vele rijen met sfinxen. Mooi, maar zoals gezegd erg druk en we houden het dan ook al redelijk snel voor gezien hier.

De laatste tempel op ons lijstje, de Luxor Tempel, is een van de belangrijkste tempels uit het Oude Egypte. De tempel ligt midden in de stad en dag en nacht raast het drukke en toeterende verkeer van calèches, taxi’s en met toeristen volgepropte touringcars langs het complex.

We naderen de tempel via een door sfinxen geflankeerde laan, die zich ooit uitstrekte van Luxor tot Karnak, 2 km verderop. Twee enorme, zittende kolossen van Ramses en een 25 m hoge obelisk van roze graniet flankeren de toegang tot de tempel. De tempel van Luxor is goed bewaard gebleven omdat hij onder het zand lag en het dorp Luxor er min of meer bovenop werd gebouwd. De Abu al-Haggagmoskee is dan ook bovenop de oude tempel gebouwd. Het grootste deel van de tempel lag destijds nog onder het woestijnzand begraven en de hoogste delen konden volgens de Egyptenaren prima dienen als fundering. Nu de tempel helemaal is uitgegraven staat de moderne moskee, die nog steeds in bedrijf is, eenzaam bovenop de zuilengang. Het ziet er maar raar uit.

De rest van de middag spenderen we in de zon op een terrasje aan de Nijl, onder het genot van een paar Egyptische biertjes en hapjes. Aan het einde van de middag is er weer werk aan de winkel. Omdat we nog steeds niets gehoord hebben van onze binnenlandse vlucht nemen we het heft maar weer zelf in handen en dus bellen we met New Egypt, de lokale agent van Koning Aap. We kunnen niet meer mee met de vlucht van 13.00 uur (hoe verrassend) maar we hebben nu een andere vlucht en wel eentje die om 7.30 uur ’s ochtends vertrekt. Jottum! Uitslapen is er dus niet bij, we worden al om 6.00 uur opgehaald, maar erger nog; we moeten dan vanaf half 9 ’s ochtends tot 19.00 uur ’s avonds op het vliegveld vertoeven! Dat was niet de afspraak en we gaan dus ook niet akkoord. Pogingen om business class te vliegen of alsnog andere vluchten te krijgen stranden al snel en dus gooien we het over een andere boeg. We hebben geen zin om een complete dag op het vliegveld te blijven dus ze regelen maar een hotel voor die dag, zodat we in ieder geval van onze bagage af zijn en we misschien ook nog iets in Caïro kunnen doen. Gelukkig is dat verder geen probleem en we krijgen een hotel aangeboden plus een chauffeur voor de hele dag. Niet meer dan normaal, toch?

’s Avonds gaan we eten bij Sofra en de Lonely Planet heeft niet gelogen! De Arabische sfeer die het restaurantje uitstraalt is sprookjesachtig, we eten van een rond koperen tafeltje en de gerechtjes die we voorgeschoteld krijgen zijn overheerlijk! Jammer alleen dat het zo druk is; als we na onze thee opgedronken te hebben af willen rekenen wordt niet alleen de rekening onder onze neuzen geschoven, maar tegelijkertijd ook de nieuwe gasten die ons tafeltje moeten gaan bezetten. Kortom; of we zo snel mogelijk op willen rotten, en dat veroorzaakt wel een beetje een domper op ons heerlijke etentje in het gezellige en sfeervol aangeklede restaurantje.

We lopen vervolgens weer naar de souq om een laatste sheesha te gaan roken. In een van de nauwe straatjes in de bazaar vinden we een grotachtig koffiehuis, we besluiten naar binnen te gaan. Een zoete walm van appeltabak komt ons tegemoet, zachte roze lichten gaan de strijd aan met fel blauwe lampen, spiegels en schilderingen sieren de wanden en het plafond lijkt uit opgevulde plastic zakken te bestaan. Links zit een Egyptenaar tevreden aan zijn waterpijp te roken, rechts speelt een groepje mannen backgammon en even later gaan wij, als enige toeristen, op tussen de Egytenaren en hun dagelijkse ritme. Met twee colaatjes en een sheesha erbij.

 

Vorige dag Volgende dag