Home  
|
  Welkom  
|
  Route  |  Reisverslag  |  Foto's  
|
  Film  
|
  Info  
|
  Contact
 

Woensdag 31 december


Oudjaar in Luxor

Vorige dag Volgende dag

Na een heerlijk rustige nacht – en gelukkig niet naar de w.c. te hebben gehoeven – staan we uitgeslapen op. De geur van hete muntthee komt ons tegemoet en we varen langzaam naar de overkant van de oever, waar we opgehaald worden door een busje dat ons via Kom Ombo en Edfu naar Luxor zal brengen.

Na een minuut of 20 staan we dan onder bij de tempel van Kom Ombo. Deze Oud-Egyptische tempel is een symmetrische tempel die in de lengte uit twee delen bestaat. De dubbeltempel is gewijd aan enerzijds de valkengod Horus en anderzijds de krokodillengod Sobek. De rechterhelft was voorbehouden aan Horus en zijn familie, terwijl de linkerhelft was voor Sobek, zijn vrouw en zijn zoon. Naast de dubbeltempel ligt bovendien nog een kapel waar enkele gemummificeerde krokodillen te zien zijn. Het zijn enkele van de honderden mummies die ze gevonden hebben in de buurt van de tempel.

Horus wordt niet alleen in de Tempel van Kom Ombo vereerd, maar ook in Edfu, waar hij zijn eigen tempel heeft. Onze reisgids schrijft dat de Tempel van Edfu een van de mooiste en best bewaarde monumenten is tussen Aswan en Luxor, en blijkbaar hebben meerdere mensen dezelfde reisgids. De parkeerplaats staat bomvol touringcars, busjes en taxi’s en calèches lopen af en aan. Onze chauffeur parkeert zijn bus vakkundig tussen de andere bussen, waarna wij ons een weg banen door de meute souvenirverkopers. Beleefd slaan we de 10 cm hoge en in plastic uitgevoerde evenbeelden van Horus af, maar al gauw kunnen we ongestoord doorlopen als blijkt dat er veel blekere en sjiekere toeristen zijn gesignaleerd. Mooi.

De tempel blijkt inderdaad schitterend te zijn en oogt als nieuw. Hij is natuurlijk met zijn tweeduizend jaar naar Egyptische maatstaven ook nog niet zo oud. Een andere reden dat het monument in zo'n goede staat verkeert is het feit dat hij eeuwenlang onder het zand verborgen heeft gelegen. We lopen rond en we zijn onder de indruk van de grote en met reliëfs versierde eerste pyloon. De ingang van de zandstenen tempel worden door twee beelden van Horus als valk bewaakt en de tempelwanden zijn gedecoreerd met afbeeldingen van Horus die zijn aartsrivaal Seth verslaat.

Aan het einde van de middag komen we in Luxor aan waar ons een onaangename verrassing staat te wachten. Aangekomen in ons hotel worden we door een lokale medewerker van Koning Aap opgewacht die ons de tickets overhandigd voor onze binnenlandse vlucht van Luxor terug naar Caïro. Om half 8 ’s avonds zal onze vlucht vertrekken. Ik kijk Martijn aan. Martijn kijkt mij aan. En in het luttele tijdsbestek van een seconde is ons humeur omgeslagen als een blad aan de boom. HOEZO gaat onze vlucht om half 8? Wij hebben toch echt in onze papieren staan dat onze vlucht om 13.00 uur zal vertrekken! Sterker nog, onze internationale vlucht terug naar Keulen vertrekt om 19.00 uur! Knappe kop die het dus voor elkaar heeft gekregen onze binnenlandse vlucht NA onze internationale vlucht te zetten. Een hele prestatie al zeg ik het zelf. Knap staaltje Egyptische onkunde en laksigheid, want hoe vaak ik thuis in NL niet gechecked heb of de binnenlandse vlucht van 13.00 uur inderdaad bevestigd is… Hulde voor Koning Aap. Ik kom er hoe langer hoe meer achter dat we beter gewoon alles zelf kunnen regelen, dan gaat er tenminste nooit wat fout.

De medewerker legt vervolgens contact met de lokale agent van Koning Aap, New Egypt, en gaat proberen iets te regelen. Afwachten dus. Ondertussen biedt hij ons een oudjaarsdiner in het hotel aan. Nee, daar zitten we op te wachten. Wij willen oudjaar vieren in een knus Egyptisch restaurantje, niet in een grote vreetzaal van een bomvol hotel dat ook nog eens opgeleukt wordt met een paar zielige plastic kerstbomen met 3 ballen en een kitscherige kerstman… We slaan zijn – ongetwijfeld goed bedoelde – aanbod dan ook direct af.

Na van de eerste woede en frustratie te zijn bekomen proberen we er toch een leuke oudjaarsavond van te maken en dus zoeken we een restaurantje op aan de oever van de Nijl.

We merken dat Luxor een stuk toeristischer is dan Aswan. De bazaar, de boulevard en eigenlijk ook alles wat daar tussenin zit is helaas geen gebied om ongestoord rond te lopen. Zowat iedere Egyptenaar wil je iets verkopen of je schoenen poetsen, zelfs indien ze van canvas stof zijn in plaats van leer. We worden dan ook voortdurend aangesproken en meegetrokken door handelaren; “Welcome to Egypt!”, “I can help you to spend your money”, “Felucca for one day?”, “Calèche?”, “Hello my friend, …” Aarggh! De beste manier om het gezeur nog enigszins binnen de perken te houden is met een stuurse blik recht vooruit blijven kijken en in een redelijk tempo doorstappen. Als je echter ook maar even een belangstellende blik naar het een of ander werpt of het even waagt wat meer te gaan slenteren, dan ben je verzekerd van een meute schreeuwerige en trekkende verkopers om je heen…

’s Avonds laat stranden we op een terras en bestellen we Stella’s (Egyptisch bier), cocktails en garlic bread en we tellen de minuten af tot het volgende jaar. Het valt op dat er maar weinig toeristen op straat, in de restaurantjes of op de terrassen zijn, maar dat is ook niet zo verwonderlijk als de meeste mensen een verplicht oudjaarsdiner moeten nuttigen in hun hotel. Desondanks vinden we het wel prettig zo en de vriendelijke ober die om de haverklap en onder begeleiding van een enthousiast “Happy new year!” komt vragen hoeveel minuten het nog is tot twaalf uur, nemen we op de koop toe. Als het dan eindelijk twaalf uur is en er zich wat mensen – voornamelijk de plaatselijke jeugd – verzameld hebben aan de Corniche an-Nil barst het lawaai los. We horen welgeteld 3 knallen, die ook nog eens overstemd worden door een vreselijk Super Mario-achtige herrie afkomstig van een van de cruiseschepen. De meeste mensen verdwijnen dan ook al weer snel van de boulevard, maar dat verdomde ene cruiseschip blijft hardnekkig zijn computerspelletjes-repertoire afdraaien, met de volumeknop natuurlijk wel op standje 12. Happy New Year too!

Na een half uur – en een flinke oorsuis rijker – houden we het voor gezien en zoeken we ons hotel weer op. Nieuwjaar vieren is duidelijk niet aan de Egyptenaren besteed en we vinden het eigenlijk ook wel goed zo. Om 01.00 uur nog even het thuisfront gelukkig nieuwjaar wensen, het is daar immers een uur eerder, waarna we ons bed instappen.

 

Vorige dag Volgende dag